Histories

» Show All     «Prev «1 ... 125 126 127 128 129 130 131 132 133 ... 497» Next»

De bevrijding van Nijmegen, September 1944

Gebeurtenissen tijdens de gevechten bij Nimegen 17-19 september 1944

Nijmegen 17 september 1944

GEBEURTENISSEN TIJDENS DE GEVECHTEN OM DE BEVRIJDING VAN NIJMEGEN.

Het is een mooie zonnige dag, zondag 17 september. De mensen gaan rustig naar de kerk, en genieten van het mooie weer. Het is nu half elf, en opeens is het uit met de rust, want er wordt gevlogen, en dat brengt altijd wat onrust mee, daar heb je het al, luchtalarm! Meteen begint het afweergeschut op de brug Maar de Engelsen ook niet bang, schieten terug. Het is nu een lawaai van jewelste. Het afweergeschut dreunt zwaar en daar tussen door hoor je het gerikketik vanuit de vliegtuigen, je hoort de kogels op de straat ketsen. Na een kwartiertje wordt het rustig en daar profiteren de mensen gauw van om dan de kerk naar huis te gaan. Maar de rust duurt niet lang en het lawaai begint weer van voren af aan, maar nu is het net of de vliegtuigen lager vliegen en korter bij We kunnen niet boven blijven en gaan naar de kelder, want voor kogels zijn we daar veiliger dan boven. Als het weer wat rustig is gaan we boven eens kijken, en zien aan de achterkant twee branden Wat er brandt weten we niet. Er lopen nu weer wat mensen op straat, en wij natuurlijk vragen wat er geraakt is, maar niemand weet het nog' men zegt dat de Nijma in brandt staat en de centrale zou ook getroffen zijn. Tot mijn grote opluchting komt Wim tegen half een thuis. Maar aan tafel kunnen we nog niet want het gas heeft maar een heel klein vlammetje, maar om een uur is alles gaar en gaan we aan tafel Er is nu niemand meer op straat, alleen een enkele mof. Maar daar begint opnieuw het lawaai van het afweergeschut en er is een vliegtuig , dat zoveel lawaai maakt, dat je jezelf niet eens meer horen kunt. Maar dan is het weer stil en kont er een jongen bij ons binnen gevlucht, die beweert dat het een Engels vliegtuig is, die een colonne neerschiet, die op de singel staat. En zo gaat het maar door. Even is het stil, maar dan begint het weer, maar om half drie is het toch wat rustiger en dan kont Wim met het bericht:"er zijn parachutisten gedaaldin Groesbeek, Berg en Dal, Overasselt en nog op meer plaatsen in de omtrek. Wat ik nu voel, weet ik niet, het is opluchting en blijdschap dat nu eindlijk de bevrijding nadert, maar ook angst voor de dingen die zullen gebeuren voordat we bevrijd zullen zijn. Maar toch is het alsof er een druk van je wordt weggenomen. Alleen al bij het idee dat er nu iets gebeuren gaat.Op straat wordt het nu weer wat rumoeriger, de mannen die vanmorgen naar het kanaal waren gegaan om te gaan graven komen allemaal terug. Het wordt veel te gevaarlijk, het kanaal wordt door Engelsen ook beschoten. Maar dan begint het pas gezellig te worden, want het ziet er naar uit, dat de moffen de vlucht zullen gaan nemen. Pension "Wouterlood", waar zeven Duitse meisjes waren ondergebracht loopt leeg, en verder zie je allemaal moffen bepakt en gezakt de kant van de Waalbrug opgaan: die zijn we tenminste kwijt. Om kwart over zes krijgen we bericht, dat we de ramen open moeten zetten, want de Waalbrug zal voor de tweede maal de lucht in vliegen. We voelen ons steeds opgeluchter, maar de Waalbrug springt niet. Ik denk dat de ondergrondse hier wel meer van zal weten. Het wordt alweer wat donkerder en we voelen ons toch weer wat onrustiger worden. De kinderen durven niet in hun eigen bedden, en worden met z'n vieren in oude bedden gelegd. Ik slaap op de badkamer en Nan blijft op om dan over een paar uur te gaan slapen en dan zal ik de wacht houden. We kleden ons niet uit,. Het is vrij rustig, af en toe wat geschiet, maar verder gebeurde er niets'

===========================================================================

MAANDAG 18 SEPTEMBER 1944

Om kwart voor vijf ‘s- morgens worden we wakker, door explosies, waar weten we niet, maar het lijkt de kant van de Berg en Dalse weg. Misschien het Canisius-college. We gaan onze bedden uit en zoeken in het donker onze weg naar de eetkamer. We durven onze zaklantaarn niet te gebruiken, Want op straat horen we wat moffen schreeuwen In de eetkamer kunnen we niets zien, en we weten niets beters te doen dan een rozenhoedje te bidden en ook nog een akte van berouw en laten alles aan Onze Lieve Heer over. We blijven in het donker zitten, maar tegen half zeven wordt het eindelijk wat lichter, alles is rustig en de kinderen gaan nog wat slapen. Ik ga naar boven naar de huiskamer en zie een troepje moffen met een machinegeweer. Het is nog niet opgesteld , ze staan er in een groepje omheen . Ook in de tuin van het kantongerecht staan soldaten, verder is er niemand te zien. Om half negen wordt er weer geschoten en als ik me niet vergis komt het uit de Staringestraat We gaan maar weer met ons allen naar de kelder. Er is nog een beetje gas, we zetten wat thee. We ontbijten in de eetkamer en daarna zullen we alles naar beneden brengen, maar halverwege het ontbijt wordt er weer geschoten, het lijkt wel voor en achter. Met veel haast pakken we ons boeltje op en gaan naar de kelder en meteen is er een ontzettende slag , het hele huis schut ervan . Dan is er nog zo’n slag en nog een.. Je hoort duidelijk het gerinkel van glas. Even is het weer stil. We staan met ons zevenen op de keldertrap te rillen. De kinderen zijn angstig en willen allemaal vastgehouden worden. We bidden maar weer een rozenhoedje, maar het geknal gaat door, en de slagen zijn zo hard, dat we er niet bovenuit kunnen schreeuwen, Ook horen we nu Duitse commando’s, er staat een kanon voor onze deur. Nu we weten wat het is, zijn we niet meer zo bang, maar we weten niet welke kant het uitschiet, waarschijnlijk naar het Keizer Karelplein. Als het even stil is, pakken we de ontbijtboel gauw op. maar als het kanon weer begint te schieten, is de liefhebberij er al weer af. We zitten weer op de keldertrap twee aan twee en op het aardappelhok. Het is ongeveer tien uur, en er komt beweging in het kanon, het staat iets verder weg. Nu krijgen we een nieuwe schrik, we horen lopen in de tuin en duidelijk iemand voorzichtig het trapje afkomen. Dan is het weer stil, alleen het schieten met geweren kortbij Ik ben bang dat er een mof onder het trapje zit en wat zou er dan weer gebeuren. Hoor, daar heb je het geritsel weer. Wim hoort het nu ook en vindt het niet plezierig. Ondertussen is het kanon weer wat opgeschoten en is het minder angstig. De kinderen moeten opeens een plasje maar durven niet naar boven, dus moet de emmer er bij te pas komen, en daar begint het kanon weer opnieuw en ook het schieten houdt niet op. We horen Duitse commando’s; ze krijsen. Half twaalf, het kanon is weer verder weg, de kant op van het Keizer Lodewijkplein. Om half een gaan we eens naar de keuken om te kijken of we wat zien kunnen, alles ziet er nog al rustig uit, in de tuin liggen wat stenen, en op de stoep een handgranaat. We eten wat boterhammen met kaas en jam, alles in de gang op de grond, want we zijn blij, dat het wat rustiger is geworden. Maar om twee uur begint opnieuw het geknal van machinegeweren, dat na een tijd gelukkig weer ophoudt. An en ik profiteren ervan om gauw wat matrassen en dekens naar beneden te halen, en zo ruimen we het verwarmingshok in voor de nacht. Het kan net als we niet te royaal gaan liggen. Om half zeven durven we onze neus even buiten de deur te steken. We zien meer mensen naar buiten komen. Vlak voor ons huis op de singel liggen de lege hulsen van de granaten, we zien verschillende stukke ruiten, maar verder ziet de singel er nogal netjes uit, er ligt een boom dwars over de weg, maar dat is eigenlijk ook alles Het doet ons goed eens iets van de buren te zien en wat opgelucht gaan we ons keldertje weer binnen. Het is nu half acht, en Wim wil nog even op straat om een kijkje te nemen, ik wil niet mee, en daarom gaat An mee Als ze buiten komen, zien ze weer mensen met dekens en kleren allemaal op de vlucht, waarheen weten ze nog niet, maar als Wim en An om de hoek van de Staringstraat kijken, zien ze, dat de stad brandt! Het begint al donker te worden, en je ziet duidelijk de vuurgloed, het lijkt wel of de hele stad in brand staat. De moffen hebben de stad in brandt gestoken op verschillende plaatsen. Alles wat lopen kan, loopt, en draagt wat mee, je ziet ook mensen met kruiwagens en handkarren het is droevig om te zien. Alle mensen zijn angstig en gejaagd, niemand durft meer in zijn huis te blijven. Alles is in de weer, iedereen wil helpen, waar hij maar kan helpen, maar er is zo weinig te helpen. In de Staringsstraat ligt een dode mof, niemand kijkt ernaar, bij alle mensen komt de haat nu pas goed naar boven. Juffrouw van Meurs durft ook niet langer in haar huis te blijven en komt ook bij ons in de kelder. An en ik pakken in haast nog wat koffers als het dan nodig is kunnen we zo gaan. Het is een vreemd idee, maar het is niet anders. Wim komt ook weer thuis en zegt, dat we met emmers water moeten gaan werken om het dak nat te houden. Maar ik ben bang, dat het veel zal uithalen, want de trap is te kort om gemakkelijk op het dak te komen, maar gelukkig hebben we een tuinslang, die met behulp van Pater van Ogtrop en een touw aan de zolderkraan wordt bevestigd. Eerst lijkt het of het niet zal gaan, maar dan opeens gaat het spuiten, er zijn al meer mensen op het bezig en die nemen al gauw onze slang over want een groot gedeelte van ons blok kan hierdoor worden natgehouden. Eerst gaat Wim spuiten ongeveer een half uur, dan zal An het overnemen. An gaat naar boven en steekt het hoofd uit het raam en ziet achter zich niets als vuur, vuur, en nog eens vuur. Ze telt zeven branden, het is prachtig om te zien, vlammen die hoog oplaaien en een vonkenregen zo hoog als de kerk. Stukken brandend papier vliegen door de lucht, het is een machtig gezicht. Er staat een jongen van ongeveer 20 jaar met onze slang te spuiten maar na een kwartier vraagt hij An of ze even alleen kan spuiten, dan gaat hij even kijken of alles wel nat genoeg is. Ik ben direct weer terug zegt hij, maar na een uur is hij er nog niet. De kogels hoor je over het dak suizen en An is drijfnat. Opeens wordt er gebeld en staat er iemand, die het spuiten wil overnemen, maar vindt het dak nat genoeg. An komt dus naar beneden en probeert te slapen. Voor juffrouw van Meurs wordt er nog een matras en wat dekens gehaald. Maar slapen kunnen we toch niet, maar rusten is ook goed, en na een paar uur gaan An en Wim nog eens kijken. Maar gelukkig worden de branden minder en kan het voor ons huis geen kwaad meer.

=====================================================================================

DINSDAG 19 SEPTEMBER

Al vroeg zijn we weer wakker, en zien met verlangen naar de nieuwe dag uit want van deze dag verwachten we veel. We verwachten de Engelsen, en we zijn tevens blij dat het licht wordt, we hebben nu weer een hele nieuwe dag voor ons, waarin veel kan gebeuren. Al vroeg schijnt de zon, het belooft een mooie dag te worden. Ons ontbijt bestaat uit, een boterham met wat jam en een kopje thee, wat we met veel geduld uit het elektrische keteltje klaar hebben kunnen krijgen, wat gas is er niet meer. De bedden in het verwarmingshok leggen we op elkaar en zetten wat stoelen neer, dan kunnen we tenminste zitten. De mensen komen hun huizen weer uit, en niemand weet wat we nu eigenlijk zijn: Duits of Engels. Om half elf steekt An het fornuis aan, want het blijft erg rustig. Er zijn nog wat worteltjes, aardappelen, soep en vlees is er ook nog, het is dus een behoorlijk maaltje. De familie Panken en Jansen komen ook bij ons koken. Met de familie Jansen hebben we gisteren avond klop-tekens afgesproken 2x kloppen is in de tuin komen, 3x kloppen is alles in orde en heel vlug kloppen betekent "nood'. Als de familie Jansen twee maal klopt gaat Wim de tuin in en als hij terug kont zegt hij dat Benda er is want hij brengt pruimen en een fles boontjes mee. Wat later op de morgen gaat Wim naar de famiIie Veeger en komt terug met een blik waar iets in zit wat niemand weet, want het etiket is eraf. Aan oorlog denken we nu weinig, het weer is prachtig en het blijft heel rustig We voelen ons of er niet veel meer gebeuren kan, alleen ik ben erg zenuwachtig en om rustig, ik weet niet waar ik het zoeken moet en gisteren was ik toch zo flink. De kinderen lopen wat in de tuin, maar Els moeten we haast aan een ketting leggen, want ze wil steeds verder en als er geschoten wordt vindt ze het niet nodig om naar binnen te gaan. Om half twaalf begint het echt gezellig te worden, want er komt bericht, dat de Engelsen bij de " Plasmolen" zijn. Als dat waar is kunnen we vanavond vrij zijn, eindelijk zal het dan toch gebeuren, maar wij ruim vier jaar op gewacht hebben. Jans Bartelink belooft dat hij zal bellen, wanneer de "optocht" voorbij trekt. We eten in het verwarmingshok en laat Frederik zijn bord op de grond vallen, wat natuurlijk op een huilpartij uitloopt An had rijst gekookt voor de volgende dag, maar Wim bedelt om de rijst nu maar op te eten. Daar gaat de telefoon en horen we van Jans, die vertelt dat er een optocht van honderden tanks voorbij trekt, haar tuin staat vol met Engelsen, die zich daar wat opknappen. Tijd om rijst te eten hebben we nu niet meer, de kinderen vliegen naar boven om zich met oranje te tooien en Wim komt ook al met een oranje das naar beneden. We bidden een rozenhoedje uit dankbaarheid. Om vier uur zullen de Engelsen beginnen te rijden, en we .................................

[Einde]


Linked toDr. Willem Petrus Johannes Anthonius Weebers

» Show All     «Prev «1 ... 125 126 127 128 129 130 131 132 133 ... 497» Next»




Home Page |  What's New |  Most Wanted |  Surnames |  Photos |  Histories |  Documents |  Cemeteries |  Places |  Dates |  Reports |  Sources