Histories

» Show All     «Prev «1 ... 182 183 184 185 186 187 188 189 190 ... 506» Next»

Geallieerde bombardementen op Belgische steden.



Berichtdoor Tandorini » 15 nov 2009, 09:26

In maart 1944 startte het Britse Bomber Command zijn transportcampagne. De nachtelijke bombardementen op het Belgische spoorwegnet moesten de aanvoerlijnen naar het invasiefront ontwrichten.

Vanaf april 1943 maakte het geallieerde opperbevel plannen voor een invasie op het Europese vasteland. De RAF kreeg bevel alle Duitse aanvoerlijnen naar de invasiestranden af te snijden. De aanvoerder van het Bomber Command,Arthur Harris,was niet bijzonder opgetogen met deze opdracht: "Spoorwegen zijn uiterst moeilijke en ondankbare objectieven voor aanvallen uit de lucht. Hoofdlijnen kunnen op een paar uur hersteld worden en spoorwegknooppunten met wissels en dergelijke in enkele dagen tijd.

Kortrijk als proefkonijn.
Toch werd het spoorwegnet door twee geleerden onder de loep genomen. Zij meenden dat het bombarderen van onderhoudswerkplaatsen voor locomotieven en ander spoorwegmateriaal wel resultaten zou opleveren. Op basis van hun studie werd een lijst met doelwitten opgesteld. Daar België de verbinding vormde tussen het Ruhrgebied en de Franse kust kwamen de stations van Mechelen,Leuven ,Hasselt,Montzen,Aarschot,Merelbeke,Kortrijk,Bergen,Haine Saint-Pierre,Ottignies en Saint-Ghislain in aanmerking voor een luchtaanval. Bij wijze van proef werden in maart 1944 zes spoorwegdoelen aangeduid. Op 26 maart onderging Kortrijk als eerste en enige Belgische stad zo'n proefbombardement. Een strijdmacht van 109 bommenwerpers veroorzaakte een ware ravage. Het aantal dodelijke slachtoffers bedroeg 252. Het gezin van bankbeheerder Victor Cambien-Lamoral verloor in één klap zes kinderen bij een voltreffer in de schuilkelder. De bevolking reageerde gelaten op het nieuws van deze droevige balans. De begrafenis werd gemeenschappelijk georganiseerd en alle slachtoffers kregen een plaats in het ere-perk. Dit bombardement was helaas slechts een voorproefje. Voor de Kortrijkse bevolking moest het ergste nog komen.

Merelbeke.
Enkele dagen later begon het echte transportoffensief met een aanval op de spoorweginfrastructuur van Merelbeke. Tijdens de bezetting speelde het station van Merelbeke een belangrijke rol bij het vervoer van troepen en oorlogsmateriaal. De vorming Merelbeke had als taak het ontbinden en samenstellen van treinen volgens bestemming en aard van de wagons. Het station beschikte hiervoor over 72 spoorlijnen en een uitgebreide werk- en stelplaats.
Op 10 april 1944 werden Merelbeke en omstreken wakker geschud door een oorverdovend lawaai.
Rond half negen 's avonds werden de fabrieken Sidac en Fibranne,die schietkatoen en viscose produceerden voor export naar Duitsland,vernield. Twee uur later loeiden de sirenes van het luchtalarm opnieuw. Ditmaal waren de spoorlijn en het statione aan de beurt. Ongeveer twintig minuten werd er onophoudelijk gebombardeerd. Een Dendermondenaar die het gebeuren waarnam,getuigde: "Verwarring ! Geweldige mokerslagen blijven weerklinken. Het gebrom der vliegtuigmotoren is oorverdovend... De hemel in de richting van Gent is vuurrood en bij elke ontploffing schiet een helle gloed als een bliksem de hoogte in. De paniek stijgt ten top. En langs de kant van Gent nemen de ontploffingen maar geen einde. Rond half twaalf werd het stil.
Het bombardement werd als "ten zeerste succesvol" beschouwd: het reizigersstation,ongeveer 40 locomotieven,de opslagplaats en het hersteldepot waren onherstelbaar verwoest. Maar de schade aan de sporen was te klein om het treinverkeer lam te leggen. Nauwelijks een week later en na de inzet van alle middelen reden er weer treinen door Merelbeke. Dit maakte grote indruk op de bevolking en versterkte het gevoel dat de vele slachtoffers een nutteloze dood stierven. Geen enkele Halifax werd neergehaald,maar de balans aan mensenlevens en verwoestingen liep hoog op: 428 doden,724 gewonden,584 huizen vernield. Het was meteen het zwaarste bombardement op Belgisch grondgebied.

De Mechelse tol.
Twee dagen later was Mechelen aan de beurt. In één maand tijd kreeg Machelen maar liefst vier bombardementen te verwerken. De reeks werd ingezet op 13 april.
Toen vielen er geen doden te betreuren. Opgelucht haalde de stad adem,maar de 19e moesten de Mechelaars opnieuw de schuilkelders opzoeken. Ditmaal was het menens: in twee golven trokken de Amerikaanse bommenwerpers over de stad en wierpen ongeveer 200 brisantbommen en 2000 brandbommen uit. De Erla-fabriek liep weliswaar grote schade op,maar het station en de spoorlijnen bleven nagenoeg intact. Het hart van de stad daarentegen was door het gros van de brandbommen getroffen. 138 mensen overleefden de aanval niet. Drie dagen later hoorden de Maneblussers andermaal het dreigende geronk van de vliegtuigmotoren. Toen vielen "slechts" 9 doden te betreuren.
Op 1 mei,de dag van de arbeid,werd Mechelen opgeschrikt door een niets ontziend bombardement. Gedurende 35 minuten sloegen de bommen in als mokerslagen in het zuidelijke stadsgedeelte,waar geen enkel huis onbeschadigd bleef. Het bommenpatroon was bijzonder onnauwkeurig,het aantal slachtoffers bedroeg 185. Dit "grootbombardement" had sommige stadsdelen van gas en electriciteit beroofd en vele mensen op de vlucht gejaagd.
De enorme verwoestingen zetten kwaad bloed bij de inwoners. Sommigen werden uitgesproken anti-anglofiel,voor de anderen bleven de "moffen" en hun oorlogsproductie de grote schuldigen.
Het verzet tegen de bombardementen en de hoge tol aan mensenlevens nam echter steeds toe. Op 21 mei stelde kardinaal Van Roey vlogende vraag aan de geallieerde bevelhebbers: "Is het nodig om spoorweginstallaties,gelegen aan de rand van een stad,te treffen,dat luchtformaties,in dikke drommen,honderden,duizenden bommen van het zwaarste kaliber op gansch een stad doen neerkomen?"

De laatste keer?
Kortrijk onderging in de nacht van 22 juli 1944 de laatste aanval van het Bomber Command op Belgisch grondgebied. Het laatste,maar tevens zwaarste bombardement dat de Guldensporenstad te verduren kreeg,verliep volgens twee aanvalsgolven van elk 22 minuten. Het station en het postgerbouw werden door 302 bommenwerpers bestookt tot geen enkele muur nog recht stond. De schade was enorm gezien beide doelen in het centrum van de stad lagen,maar het aantal doden bleef relatief laag. Slechts 2000 van de 40000 inwoners hadden de stad niet verlaten. Toch haalde men nog 168 slachtoffers van onder het puin. In Kortrijk stierven in totaal 619 mensen onder de geallieerde bommen en was één vierde van het patrimonium met de grond gelijk gemaakt.
Onmiddellijk na de oorlog begon men vol goede moed met de heropbouw,maar de vraag bleef of het doel de middelen heiligde en of men dat doel wel bereikt had. De transportcampagne trof nog vele andere syeden en gemeenten. Ze eisten ongeveer 1500 mensenlevens en kostte het Bomber Command 500 piloten.

Linked toFamily: Cambien/Lamoral (F3384)

» Show All     «Prev «1 ... 182 183 184 185 186 187 188 189 190 ... 506» Next»




Home Page |  What's New |  Most Wanted |  Surnames |  Photos |  Histories |  Documents |  Cemeteries |  Places |  Dates |  Reports |  Sources