Lodewijk Polak Kerdijk

Lodewijk Polak Kerdijk

Male 1831 - 1861  (30 years)    Has 6 ancestors but no descendants in this family tree.

Personal Information    |    Media    |    Notes    |    Event Map    |    All

  • Name Lodewijk Polak Kerdijk 
    Relationshipwith Adam
    Born 22 Feb 1831  Rotterdam, ZH, NL Find all individuals with events at this location 
    Gender Male 
    Died 30 May 1861  Banana, Kongo Find all individuals with events at this location 
    Person ID I506590  Geneagraphie
    Last Modified 21 Feb 2007 

    Father Marcus Andries Polak Kerdijk,   b. 20 Nov 1790, Rotterdam, ZH, NL Find all individuals with events at this location,   d. Yes, date unknown 
    Mother Fanny Zacharias Bruck,   b. 23 Jul 1798, Rotterdam, ZH, NL Find all individuals with events at this location,   d. Yes, date unknown 
    Married 26 Sep 1821 
    Siblings 4 siblings 
    Family ID F206120  Group Sheet  |  Family Chart

  • Event Map Click to display
    Link to Google MapsBorn - 22 Feb 1831 - Rotterdam, ZH, NL Link to Google Earth
     = Link to Google Earth 
    Pin Legend  : Address       : Location       : City/Town       : County/Shire       : State/Province       : Country       : Not Set

  • Photos
    Lodewijk Polak Kerdijk
    Lodewijk Polak Kerdijk

  • Notes 
    • Door een toeval kwam Lodewijk Pincoffs in aanraking met personen, die eene fac-tory hadden opgericht aan de westkust van Afrika. Voor veel te hoogen prijs, zoo-als later bleek, werd die zaak door Kerdijk Pincoffs overgenomen. De jongere broeder van Kerdijk, Lodewijk, trad op als directeur in Afrika en dank aan zijne energie nam de zaak in bloei toe. Maar kort daarop volgde zijn dood en niet lang daarna brandde de hoofdfactory in Banana af.
      De handel van Kerdijk Pincoffs beperkte zich dus niet tot enkele reizen, nee, Lodewijk Kerdijk voerde handel vanuit een aantal vaste vestigingingen (factorijen) in West-Afrika. Als Lodewijk was blijven leven was heel misschien het Pincoffs debacle niet voorgekomen, maar zeker weten doen we dit natuurlijk niet.

      Tijdens de rechtzaak tegen Henry Polak en Lodewijk Pincoffs (bij verstek) voor de Hoge Raad in februari 1880, stond dus alleen Henry Kerdijk terecht. Henry Kerdijk verklaarde daarbij o.a., dat het doel der vennootschap Kerdijk en Pincoffs handel in drogerijen en verfwaren was:

      De zaken verminderden uiteraard. De meekrap verslechterde, de indigo bedierf en Pincoffs wil(de) grootere zaken doen. Daarbij was 't een heele knappe man. Hij kwam op het denkbeeld om eene Afrikaansche zaak te beginnen. Mijn broer (Lode-wijk) was in Engeland geweest en had een paar van die huizen bezocht. Die is toen naar Afrika gegaan en op kleine schaal zijn wij begonnen met medewerking van de Engelsche Regeering aan den Congo-mond. Daar was een uitgebreide slavenhandel.
      De Engelsche huizen daar ge├źtabliseerd werden zelf door de Engelsche Regeering verdacht daaraan mede te doen. Ons huis was 't eerste wat daaraan niet deed en met medewerking van het Engelsche Gouvernement begonnen wij kleine zaken. Die zaken zijn langzamerhand uitgebreider geworden.
      Het Engelsche Gouvernement heeft uit dankbaarheid tegenover ons huis, omdat 't het eerste was dat zich daar vestigde zonder slavenhandel, de kolenleverantie voor de Britsche Marine, die daar moest laden gegeven en tot op het oogenblik hebben wij die behouden. Dat faveur was ons dus gegeven omdat wij een legale handel aan de kust zijn begonnen. On-gelukkig is mijn broer een paar jaar daarna te Congo overleden in 1862. Dat is het ongeluk geweest van de heele zaak. Ik ben overtuigd, dat ware mijn broer blijven leven, Pincoffs nooit zoo met de zaak zou gespeeld hebben, maar dat heeft hiermede niets te maken.
      In het najaar van 1858 kwam Lodewijk Kerdijk naar de monding van de rivier de Congo, waar hij te Ponte da Lenha een factorij gesticht heeft; dit was de derde, na Ambriz en Quisembo. Toen in februari en maart 1869 Luitenant ter zee 1e klasse J. F. Koopman met het Nederlandse oorlogsscheepje "Cornelis Dirks" een reis langs de kust van Afrika maakte, trof deze in Ponte da Lenha de factorij van Kerdijk en Pincoffs aan, waar drie Hollanders werkten.

      Lodewijk Kerdijk bevond zich toen te Quisembo, waar Koopman hem kort daarna ont-moette. In het verslag van Koopman een boeiend verhaal over de po-gingen van de Portugezen om hun gezag uit te breiden. In deze periode hebben zij daarmee geen succes gehad. Ze hadden er lang tevoren de zoon van een neger-koning van het negerstaatje Kongo naar Portugal gebracht, hem daar een opleiding gegeven en hem naar Angola teruggestuurd, in de hoop dat hij t.z.t. zijn vader zou kunnen opvolgen, hetgeen de Portugezen een grote invloed zou hebben verschaft.
      Maar toen de oude koning doodging, kozen de hoofden een andere koning en nu zaten de Portugezen met hun beschermeling, aan wie ze niets meer hadden. Ze deden het voorkomen, dat deze prins nog aanspraken op het gebied van zijn over-leden vader deed gelden, hetgeen de nieuwe koning natuurlijk niet kon verdragen. In arren moede probeerde de prins zich toch bij zijn landgenoten te voegen, maar dezen doodden hem.
      Daarin zag de Portugese gouverneur een mooie aanleiding om de negers aan te vallen, in de hoop nu met geweld uitbreiding van grondgebied te kunnen verkrijgen.

      Enkele dagen v├│├│r de komst van Koopman viel een Portugees legertje onder aanvoering van de gouverneur-generaal zelf de dorpen rond Qui-sembo aan, maar toen deze troepen Quisembo zelf wilden verwoesten, werden ze door negers op de vlucht gejaagd. Quisembo lag 5 mijl landinwaarts van de factorijen (twee Engelse, een Amerikaanse en die van Kerdijk en Pincoffs).
      Toen de gouverneur moest terugtrekken probeerde hij bij de factorijen "ver-versingen" voor zijn vermoeide soldaten te krijgen, maar hij werd tegengehouden door Engelse en Amerikaanse landingstroepen, die nog tijdig door de factorijen waren gewaarschuwd.
      Men moest hem wel alle hulp weigeren, want anders zouden de negers denken, dat de handelaren op de hang van de Portugezen waren, en dan zouden de factorijen later door de negers zijn aangevallen. De gouverneur moest dus terugtrekken op Ambriz, dat al enkele jaren Portugees bezit was en vanwaar hij ook gekomen was.

      Op 20 sept. 1859 schrijft de Nederlandse Minister van Buitenlandse Zaken aan zijn ambtgenoot van Koloni├źn om te vragen, wat die van een benoeming van Lodewijk Kerdijk tot consul te Ambriz vindt. Koloni├źn maakt geen bezwaar. Daarop volgt dan een voorstel van Buitenlandse Zaken aan de Koning om tot de benoeming, buiten bezwaar van 's Rijks schatkist, over te gaan. En bij KB. van 5 okt. 1859, no. 62, wordt Lodewijk Kerdijk tot consul benoemd. De zaakgelastigde te Lissabon moet voor hem het "exequatur" van de Portugese koning vragen.
      Op 8 dec. 1859 bericht de zaakgelastigde, dat het exequatur verkregen is en dat hij dit stuk, met het bewijs van de benoeming, aan Lodewijk Kerdijk zal verzenden met het S.S. "Don Pedro", dat eind december vertrekt. Op 9 dec. schrijft de zaakgelastigde aan Lodewijk Kerdijk zelf en hij voegt daarbij ook een eedsformulier, dat de benoemde moet ondertekenen. Van een mondelinge be├źdiging kon natuurlijk geen sprake zijn, want er was nergens een Nederlandse autoriteit binnen redelijke afstand; de dichtstbijzijnde was on-getwijfeld de gouverneur van de Kust van Guinea.

      weten, dat Lodewijk Kerdijk op 30 mei 1861 te Banana gestorven is. Daar was later ook de hoofdfactorij van Kerdijk en Pincoffs gevestigd. Na de dood van Lodewijk Kerdijk namen Kerdijk en Pincoffs de hier liggende factorij van de Fa. R├ęgis uit Marseille (vandaar de ook wel gebruikte naam "French Point") over. Deze firma had in een vroegere periode in hoofdzaak slavenhandel gedreven, maar deze handel werd door Kerdijk en Pincoffs gelukkig niet voortgezet. Evenmin hebben zij de "export" van vrije arbeiders naar de Franse bezittingen in West Indi├ź, waarmee R├ęgis zich bezighield toen de slavenhandel afgelopen was, voortgezet. Over het tijdstip waarop Kerdijk en Pincoffs deze factorij van R├ęgis hebben overgenomen lopen de meningen uiteen.

      De Firma R├ęgis verkocht, in het jaar 1863, toen er geen kans meer was, dat er ooit weder toestem-ming tot opening van dergelijke Emigratie ├ętablissementen zoude gegeven worden, aan de firma Kerdijk en Pincoffs hare Emigratie-factorijen, welke uitgebreide ge-bouwen, gevoegd bij de aanzienlijke handelsfactorijen en havenwerken, door de firma Kerdijk en Pincoffs toen reeds aangelegd, ├ę├ęn der grootste en belangrijkste handelsetablissementen aan de geheele kust van Afrika uitmaakten.
      En dus zijn er in Banana twee factorijen van Kerdijk en Pincoffs geweest, waarvan er een door hen zelf, d.w.z. door Lodewijk Kerdijk, ge-sticht is, terwijl de andere van R├ęgis is overgenomen. Maar op welk tijdstip Lodewijk Kerdijk deze eigen factorij gesticht heeft, ook daarover lopen de meningen uiteen.

      Koopman kwam direkt per schip naar Ponte da Lenha, waar hij dus verwachtte Lodewijk Kerdijk aan te treffen. Die bleek zich evenwel te Quisembo te bevinden, maar Koopman trof er wel enkele be-dienden van Kerdijk en Pincoffs aan.
      Hadden Kerdijk en Pincoffs toen al een factorij op Banana Point gehad, dan zou Koopman in de eerste plaats die factorij aangedaan hebben. Hij vermeldt alleen, dat er op "Punt Banana" een Frans "emigrantendepot" stond, van waaruit z.g. vrije arbeiders naar de West-Indische eilanden verscheept werden. Reeds hier-uit blijkt dat Kerdijk en Pincoffs in het voorjaar van 1860 nog geen factorij te Banana be-zaten. En op 2 mei 1860 schreef Lodewijk als benoemd consul te Ambriz zijn eerste offici├źle brief aan Buitenlandse Zaken niet uit Banana, maar uit Ponte da Lenha. Kennelijk had hij toch in Ponte da Lenha een factorij gesticht.
      Dat er in de zomer van 1860 nog geen tweede factorij van Kerdijk en Pincoffs aan de Congo was, blijkt uit een brief van de firma Kerdijk en Pincoffs aan Buitenlandse Zaken van 22 juni 1860. Er wordt vermoed dat de stichting van een factorij te Ponte da Lenha reeds spoedig daarop, en wel in het voorjaar van 1861, door die van een factorij te Banana ge-volgd is.

      Uit de overlijdensakte van Lodewijk Kerdijk weten wij dat Lodewijk Kerdijk in Banana aan land gegaan is enkele weken voordat hij in Banana stierf.
      Gedurende die weken heeft de "Lodewijk", het schip waarmee hij was aangekomen, kennelijk te Banana voor anker gelegen. Nu ligt het voor de hand te veronderstellen, dat de "Lodewijk" daar goederen kwam lossen en laden en dat Lodewijk Kerdijk in die tijd in een eigen factorij ziek ge-legen heeft.

      Samengevat kan geconcludeerd worden dat Kerdijk en Pincoffs zich in het najaar van 1858 aan de Congo gevestigd hebben door het stichten van een factorij te Ponte da Lenha en in het voorjaar van 1861 een factorij in Banana hebben gesticht.

      Op het kerkhof van Banana kan nog steeds een grafsteen worden gevonden bekroond met een Grieks fronton:

      Toen Lodewijk Kerdijk in 1857 naar Afrika vertrok, was hij 26 jaar, ongehuwd en kennelijk ook zonder trouwplannen. Hij moet een goede opvoeding en een opleiding in de handel gehad hebben, was zeer bereisd, sprak verschillende talen, was duide-lijk belezen en belangstellend in muziek. Maar hij zag tegen de primitieve omstandig-heden van West-Afrika niet op en ook de grote risico's voor leven en gezondheid - aan "de kust" ging immers bijna iedere Europeaan binnen enkele jaren dood -schrikten hem niet af.
      Tot zijn hobbies behoorde fotograferen, in die tijd nog iets heel bijzonders. Hij moet daarvoor allerlei apparatuur meegenomen hebben naar Afrika, maar helaas bleek het papier bedorven, zodat hij zijn pogingen moest op-geven.

      Ambriz en Kinsemba, ook Kinsembo of Quisembo genoemd, liggen beiden aan de kust van Angola, Kinsemba ongeveer 200 km ten Z. van de mond van de Congo, Ambriz nog ongeveer 15 km verder. In Ambriz was Lodewijk Kerdijk later Nederlands consul, benoemd bij K.B. van 9 okt. 1859.

      Ponte da Lenha, werd ook wel Porto da Lenha genoemd. Het lag op de Noordelijke oever van de rivier de Congo, halverwege Banana en Boma. Ook hebben we een afschrikwekkende beschrijving uit 1874 gevonden:


      in de regentijd staan de huizen een voet hoog onder water, alles rot weg, de Europeanen zien er geel, mager en hologig uit; beter dan ergens anders kan men hier de uitwerking van de "koorts-miasmen" bestuderen.
      Tot slot laten we nog een keer Lodewijk Kerdijk aan het woord, op een van zijn tochten over de rivier de Congo:

      Thans dat alles met C wederom in order is, en ik op dit punt gerust gesteld ben, gevoel ik wederom de lust mij met de be-schrijving van hetgeen mij thans omringd onledig te houden. Wij hebben onze handel alhier nu zoo goed als gesloten, en maken wij ons gereed om te vertrekken, hetwelk ik denk morgen zal plaats hebben.
      De Adolf Martinus vertrekt ├ę├ęrst, zoo dat wij bij ons ver-trek zullen weten, zij zich veilig in zee bevindt, en wij haar bijtijds in Cape Palmas zullen kunnen verwachten. Wij zijn (de Gitana) voornemens Kabenda etc. aan te doen en zullen dus beide waar-schijnlijk tegelijkertijd in Palmas arriveeren. De dag van heden wordt besteed om reisvaardig te maken, terwijl C zijne papieren etc. in order brengt.

      De Congo alwaar ik mij thans bevind is eene enorme rivier, en vormt aan hare delta, behalve eene navigabele stroom van op sommige plaatsen minstens eene mijl breed, welke met zandbanken gevuld is, zandbanken die de scheepvaart zeer moeyelijk en ge-vaarlijk maken, ook nog eene enorme uitgestrektheid creeks, en moerassen, welke er de oorzaak van zijn, dat het klimaat alhier zoo ongezond is.

      Ponte da Lenha waar wij thans met onze beide schepen liggen, bestaat uit een 20 tal huizen welke alle op eenige afstand van elkander langs de rivier gebouwd zijn. De grond waarop dezelve staan, is kunstmatig aangebracht, en moet men hier beginnen zijnen grond te maken, alvorens men aan een huis denken kan. Dus is men van alle kanten van water omringd, en dat eene soort van water, welke ten minste deze goede eigenschap heeft, dat men het zoowel eeten als drinken kan, daar het zoo-veele planten stoffen bevat en eene zoo vuile kleur bezit, dat het de zee voor 120 mijlen ver ten N.W., eene vuil bruine kleur mede-deelt. Het zal wel geene vermelding behoeven dat deze rivier, door de moerassen welke zij vormt, en de vochtige lucht welke zij veroorzaakt, alsmede door de veelvuldige stoffen welke zij bevat enorm veel malaria verspreidt, en veele ziekten hoofdzakelijk koortsen en diarrhee veroorzaakt.

      Het ca. 50 tal Europeanen vooral Portugezen en een paar engelsche en amerikanen, zien er dan ook alle als geesten uit, terwijl er verscheidene op dit moment aan de koorts ziek liggen, en de geheele bemanning alsmede de kapitein, van een (slaven)schip, hetwelk zich hier sedert een paar weken bevindt, zich in diezelfde omstandigheid bevindt.

      Aan beide zijden der rivier en dus onmiddellijk achter de woningen bevind zich een enorm bosch, voor ons Europeanen ondoordringbaar, en heb ik er dan ook geen voet ingezet, hoofdzakelijk wegens de vochtigheid der grond, die slechts uit moeras bestaat, en verder uit vrees, voor het aantal ongedierte daar er zich eene massa slangen en krokodillen in ophouden.

      Het weder is hier goed, maar is de atmospheer zeer vochtig. De type der bewoners is meer aan-genaam dan die der negers welke ik meer ten noorden gezien heb, maar zijn zij niettegenstaande "perfect brutes" , en voor niets anders dan slavernij geschikt.
      Ik ben dan ook op dit punt geheel en al van opinie veranderd en verzoen mij meer en meer met slavenhandel. Iedere factory heeft van 20 tot 30 vrije negers als bedienden, en is het de moeyte waard te zien hoe getrouw dit aan-tal het maxime "zich langzaam te haasten" opvolgt. Zonder zweep geloof ik dan ook niet men de negers met uitzondering van de Krumen, een ras die den zwarte tot eer verstrekt, tot werken krijgen kan.
      En het weinige werk hetwelk zij nog verrigten doen zij alleenlijk, zich de nodige hoeveelheid Rhum te verwerven, om zich dronken te kunnen drinken.
      Het zoude mij dan ook niet mogelijk zijn, de gulzigheid en het genot, het ruiken, likken en nasmakken te beschrijven van een neger die voor gedane arbeid een glas rhum bekomt, en zulks op alle mogelijke wijze zoekt te genieten.


Home Page |  What's New |  Most Wanted |  Surnames |  Photos |  Histories |  Documents |  Cemeteries |  Places |  Dates |  Reports |  Sources