Mr. Pieter Philip van Bosse

Mr. Pieter Philip van Bosse

Male 1809 - 1879  (69 years)    Has 2 ancestors but no descendants in this family tree.

Personal Information    |    Notes    |    Event Map    |    All

  • Name Pieter Philip van Bosse 
    Prefix Mr. 
    Relationshipwith Francis Fox
    Born 16 Dec 1809  Amsterdam, NH, NL Find all individuals with events at this location 
    Gender Male 
    Died 21 Feb 1879  's-Gravenhage, ZH, NL Find all individuals with events at this location 
    Person ID I479112  Geneagraphie
    Last Modified 21 Feb 2007 

    Father Jan van Bosse,   d. Yes, date unknown 
    Mother Maria Philippina de Bordes,   d. Yes, date unknown 
    Family ID F198886  Group Sheet  |  Family Chart

    Family Maria Johanna Reynvaan,   b. 7 Jan 1809, Amsterdam, NH, NL Find all individuals with events at this location,   d. Yes, date unknown 
    Married 6 May 1836  Amsterdam, NH, NL Find all individuals with events at this location 
    Last Modified 16 Nov 2004 
    Family ID F198883  Group Sheet  |  Family Chart

  • Event Map Click to display
    Link to Google MapsBorn - 16 Dec 1809 - Amsterdam, NH, NL Link to Google Earth
    Link to Google MapsMarried - 6 May 1836 - Amsterdam, NH, NL Link to Google Earth
    Link to Google MapsDied - 21 Feb 1879 - 's-Gravenhage, ZH, NL Link to Google Earth
     = Link to Google Earth 
    Pin Legend  : Address       : Location       : City/Town       : County/Shire       : State/Province       : Country       : Not Set

  • Notes 
    • minister van koloniën, 1871-1872 en 1877-1879

      - fabrikant te Weesp
      - advocaat te Amsterdam, van 1833 tot 1845
      - hoofdcommies afdeling in- en uitvoerrechten, ministerie van Financiën, van 1845 tot 1848
      - hoofd afdeling in- en uitvoerrechten (rang: referendaris), ministerie van Financiën, van 1848 tot juni 1848
      - lid Raad van State, van 3 juni 1848 tot 21 november 1848
      - tijdelijk minister van Financiën, van 3 juni 1848 tot 21 november 1848
      - minister van Financiën, van 21 november 1848 tot 19 april 1853
      - (voorlopig) minister voor de Zaken van de Hervormde en andere Erediensten, behalve die der Rooms-Katholieke, van 15 juli 1852 tot 19 april 1853
      - lid Tweede Kamer der Staten-Generaal voor het kiesdistrict Rotterdam, van 14 juni 1853 tot 12 maart 1858
      - lid gemeenteraad van 's-Gravenhage, van 1 september 1857 tot 29 juni 1858
      - minister van Financiën, van 12 maart 1858 tot 22 februari 1860
      - lid Tweede Kamer der Staten-Generaal voor het kiesdistrict Zutphen, van 30 april 1860 tot 10 februari 1866
      - minister van Financiën, van 10 februari 1866 tot 1 juni 1866
      - lid Tweede Kamer der Staten-Generaal voor het kiesdistrict Dordrecht, van 25 februari 1868 tot 3 juni 1868
      - minister van Financiën, van 3 juni 1868 tot 4 januari 1871
      - minister voor de Zaken van de Hervormde en andere Erediensten, behalve die der Rooms-Katholieke, van 4 juni 1868 tot 29 juli 1870
      - minister van Koloniën, van 4 januari 1871 tot 6 juli 1872
      - minister van Binnenlandse Zaken ad interim, van 5 juni 1872 tot 6 juli 1872
      - minister van Staat, 6 juli 1872
      - minister van Koloniën, van 3 november 1877 tot 21 februari 1879
      lid kiesverening Nederland te 's-Gravenhage, vanaf 1862
      president Commissie van Toezicht Koninklijke Muziekschool te 's-Gravenhage, vanaf 14 maart 1865, toel.: nog in 1873
      - tijdelijk voorzitter ministerraad, van 12 maart 1866 tot 19 april 1866
      - tijdelijk voorzitter ministerraad, van 19 mei 1866 tot 3 juni 1866
      - tijdelijk voorzitter ministerraad, van juni 1872 tot 5 juli 1872
      opleiding(en)
      - rechten Atheneum Illustre te Amsterdam
      - Romeins en hedendaags recht (gepromoveerd op dissertatie) Hogeschool te Leiden, van 20 mei 1829 tot 25 januari 1834

      - Interpelleerde in 1861 minister Loudon over het overleggen van staten van inkomsten en uitgaven in Nederlands-Indië in de periode 1817-1857
      - Stemde in 1868 vóór de motie-Blussé van Oud-Alblas
      - Stelde in 1848 al voor een beperkte inkomstenbelasting in te voeren, maar kreeg hiervoor geen steun
      - De Eerste Kamer verwierp in 1852 met algemene stemmen zijn wetsvoorstel tot wijziging van de Wet op het zegelrecht
      - Bracht in 1850 wetten tot stand inzake de regeling van de belangen der Nederlandse scheepvaart, tot afschaffing van de regten van doorvoer, en tot staking van de heffing der scheepvaartsregten op den Rijn en IJsel, alsmede tot wijziging van de wet uit 1819 inzake zeebrieven en Turksche paspoorten. Daarbij werden de doorvoer- en scheepvaartrechten en vrijwel alle Rijn- en IJsseltollen afgeschaft en werd het verlenen van zeebrieven aan in het buitenland gebouwde schepen verboden.
      - Bracht in 1850 een Muntwet tot stand, waarbij de zilveren standaard werd ingevoerd (het stelsel van stuivers, dubbeltjes, kwartjes, halve guldens, guldens en rijksdaalders). Er is een muntcollege van drie leden, dat toezicht houdt op de muntslag en de waarborg van gouden en zilveren werken.
      - Diende in 1851 een wetsvoorstel in tot invoering van een rentebelasting. Dit voorstel werd in maart 1852 ingetrokken, nadat de Tweede Kamer artikel 3 had verworpen.
      - Bracht in 1852 een wet tot afschaffing van de accijns op varkens- en schapevlees tot stand
      - Bracht in 1852 de Postwet tot stand, die de Staat het monopolie bij de post verleende en frankering met postzegels mogelijk maakte
      - Bracht in 1859 de Wet inzake successie en opvolging tot stand. Op grond van deze wet wordt bij een erfenis door echtgenoot, broeder of zuster 4% aan successierechten geheven en bij overgang van eigendom op echtgenoot of kinderen daarenboven 1% aan overgangsrecht.
      - De Eerste Kamer verwierp in 1859 zijn ontwerp-In- en Uitvoerwet vanwege de vrees dat vrijhandel nadelig zou zijn voor de binnenlandse markt
      - Bracht in 1869 de wet tot afschaffing van het zegelrecht op gedrukte stukken en adverteniën in nieuwspapieren (dagbladzegel) tot stand. Door afschaffing van deze belasting konden dagbladen in prijs worden verlaagd. Koning Willem III, die bevreesd was voor politieke onruststokerij door dagbladen, probeerde tevergeefs de Eerste Kamer te bewegen het wetsvoorstel te verwerpen.
      - Diende in 1869 een wetsvoorstel in om de Raad van State te belasten met de beroepsrechtspraak in belastingzaken; dit voorstel werd in 1870 door de Tweede Kamer verworpen
      - Diende in 1870 een wetsvoorstel in tot invoering van een inkomstenbelasting en tot opheffing van de patentbelasting; dit voorstel werd in 1871 door zijn opvolger ingetrokken
      - 0Benoemde in 1871 J. Loudon tot Gouverneur-Generaal van Nederlands-Indië

      wetenswaardigheden
      Werd in september 1856 als derde op de voordracht voor het Tweede-Kamervoorzitterschap gezet

      verkiezingen
      Werd na de kamerontbinding van 1866 in het district Delft na herstemming verslagen door C. Hoekwater en W. Wintgens (cons.)

      woonplaats(en)/adres(sen)
      's-Gravenhage, Mauritskade 3, omstreeks 1876

      - Commandeur in de Orde van de Nederlandse Leeuw
      - Grootkruis Orde van de Eikenkroon

      publicaties/bronnen
      - J. Viersen, "Mr. P.Ph. van Bosse, minister, parlementariër, adviseur" (Deventer 1990)
      - Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, dl.IV, 258
      - Ned. Patriciaat, 1963


Home Page |  What's New |  Most Wanted |  Surnames |  Photos |  Histories |  Documents |  Cemeteries |  Places |  Dates |  Reports |  Sources